Hoe het woord
Krach in Duitsland wordt gebruikt, is niet relevant. In Nederland staat
Krach voor het ineenstorten van de beurs. Het is afgeleid van 'kraken' net als de Engelese afleiding 'to crash'.
Krach is dus geen 'verhaspeling' van crash, net zo min als milk een verhaspeling is van Milch of van melk. Wat een flauwekul.
Vanaf eind twintiger jaren is het woord
Krach een gevreesd woord in beurs- en bankkringen; het is zo verweven dat er geen goed Nederlands alternatief woord is voor het verschijnsel. De Dikke geeft
Krach de volgende betekenis: "ineenstorting,
debacle van een handelshuis of bank, die andere meesleept en daardoor een crisis veroorzaakt (meestal gezegd mbt. de beurscrisis van 1929 die het begin vormde van de economische crisis van de jaren dertig)", maar dat kun je dus niet met een enkel woord omschrijven. Dus vind ik
Krach een aanwinst voor onze taal, zeer toepasselijk en zo en daarom geef ik het toch een mooie 2.